De voortuin is het visitekaartje van het huis. Iedereen die aanbelt, loopt erdoorheen. Toch is het voor veel mensen de tuin waar ze het minst tijd in willen steken. Ze zitten er niet, ze spelen er niet, ze eten er niet. Met een paar slimme keuzes vooraf heb je een voortuin die er goed uitziet en weinig werk vraagt.
Onderhoudsvriendelijk is iets anders dan versteend
De verleiding is groot om alles te betegelen. Geen onkruid, geen gras om te maaien, klaar. Maar een volledig betegelde voortuin wordt in de zomer heet, regenwater kan niet weg, en tussen de tegels groeit alsnog onkruid. Veel gemeenten moedigen inmiddels aan om tegels eruit te halen en groen terug te brengen, onder meer om wateroverlast bij hevige buien te beperken. Een goed ontworpen beplanting vraagt na een paar jaar minder onderhoud dan een tegelvloer. Planten die de grond bedekken, laten geen ruimte voor onkruid.
Begin met een plan
Voor je gaat voortuin aanleggen, teken je de tuin op schaal op papier. Zet erop waar de voordeur is, waar het pad loopt, waar de fietsen en de containers staan. Die praktische zaken bepalen de indeling. Kijk ook naar de ligging: krijgt de voortuin zon of ligt hij grotendeels in de schaduw van het huis?
Een pad van de stoep naar de deur moet breed genoeg zijn voor een kinderwagen of een rolstoel, minimaal een meter. Voor de containers is een verharde plek in de buurt van de stoep handig, liefst uit het zicht achter een lage haag.
Kiezen voor de juiste planten
De basis van een onderhoudsvriendelijke voortuin zijn vaste planten, heesters en bodembedekkers die elk jaar terugkomen. Groenblijvende heesters zoals ilex, taxus en Japanse hulst geven in de winter structuur. Vaste planten als lavendel, kattenkruid, salie en siergrassen bloeien lang en hebben weinig verzorging nodig. Bodembedekkers zoals ooievaarsbek, maagdenpalm en vrouwenmantel vullen de open plekken.
Plant in groepen van drie, vijf of zeven van dezelfde soort. Dat oogt rustiger dan losse planten van allemaal een andere soort, en het onderhoud is overzichtelijker.
Aanleggen
Verwijder eerst alle onkruid, inclusief de wortels. Wortelonkruid zoals zevenblad en kweekgras komt anders binnen een seizoen terug. Spit de grond los en meng er compost door. Plant in het voorjaar of in de herfst, als de grond vochtig is.
Dek de grond na het planten af met een laag houtsnippers of compost van vijf centimeter dik. Dat houdt vocht vast, remt onkruid en verbetert de bodem. In het eerste jaar moet je nog wel wieden en water geven. Vanaf het tweede jaar sluit de beplanting en neemt het werk sterk af.
Het jaarlijkse onderhoud
Een goed aangelegde voortuin vraagt een paar uur per jaar. In het voorjaar knip je de vaste planten terug en vul je de mulchlaag aan. In de zomer haal je het onkruid weg dat toch opkomt. In de herfst laat je het blad liggen onder de heesters; het voedt de bodem en geeft beestjes een schuilplaats.
Meer uitleg over tuinontwerp, het aanleggen van terrassen en het onderhoud van tuinen staat op Woongoedgo.nl. Een voortuin die af is, verandert niet veel meer. Dat is precies de bedoeling.


